[Final] Programma regionale aanpak ouderenzorg-COLOR.00_05_23_25.Still011.jpg

Coördinatie Wijkverpleging

WSD-regio | Franciscus | Reinier de Graaf | Huisartsen

Het lukt de huisarts vaak niet om snel passende wijkverpleging te vinden voor een patiënt. Met de pilot Coördinatiepunt Wijkverpleging kan de huisarts na één poging, contact opnemen met een van de transferbureaus van de regionale ziekenhuizen. De transferverpleegkundigen gaan vervolgens voor de huisarts aan de slag om passende wijkverpleging te vinden voor de patiënt. Dit bespaart de huisarts veel tijd en zorgt dat de patiënt op tijd de juiste hulp krijgt.

 

Projectgroep

De werkgroep Coördinatie Wijkverpleging bestaat uit een huisarts, transferverpleegkundigen, de managers van de transferbureaus van de regionale ziekenhuizen, de managers van de afdelingen zorgbemiddeling bij Argos zorggroep, Careyn en Pieter van Foreest. Ook de programmamanager ouderenzorg van de ZEL en de managers transmurale zorg van de regionale ziekenhuizen zijn betrokken. De projectleider is een relatiebeheerder bij DSW. Ondersteuning wordt gedaan door het programmamanagement van het programma Regionale Aanpak Ouderenzorg.

Scope

Het Coördinatiepunt Wijkverpleging bevindt zich op twee plekken in de WSD-regio: het coördinatiepunt NWN bestaat uit de transferverpleegkundigen van het Franciscus Gasthuis & Vlietland. Bij drukte op het coördinatiepunt worden zij geholpen door zorgbemiddelaars van de Argos Zorggroep en Careyn. Het coördinatiepunt DWO bestaat uit de transferverpleegkundigen van het Reinier de Graaf Gasthuis, bij drukte worden zij geholpen door zorgbemiddelaars van Pieter van Foreest en Careyn. Iedere huisarts in de WSD-regio kan deelnemen.

Werkwijze

De huisarts belt één aanbieder voor wijkverpleging zelf. Indien deze aanbieder de patiënt van wijkverpleging kan voorzien, wordt het coördinatiepunt niet ingezet. Indien deze aanbieder de patiënt niet van wijkverpleging kan voorzien, belt de huisarts het Coördinatiepunt Wijkverpleging, licht zijn aanvraag toe en stuurt deze richting coördinatiepunt NWN of coördinatiepunt DWO. Het betreffende coördinatiepunt neemt de aanvraag in behandeling, formuleert een zorgvraag (evt. met aanvullende informatie vanuit de huisarts/ familie) en verstuurt de aanvraag naar een VVT aanbieder. Als er wijkverpleging is gevonden, koppelt het coördinatiepunt dit terug aan de huisarts. De pilot omvat alle aanvragen voor wijkverpleging, zowel de acute als niet-acute situatie.

Doel

  1. De pilot draagt bij aan het ontlasten van de huisarts. Huisartsen ondervinden een hoge werkdruk vanwege de toenemende complexe zorgvraag van ouderen. De pilot neemt een stukje werk uit handen van de huisarts.

  2. Door het goed en tijdig regelen van wijkverpleging kunnen verdergaande interventies, zoals opname, mogelijk voorkomen worden. Dit resulteert in besparing van ligdagen en intramurale plekken. 

  3. Een mogelijk besparing van zorgkosten. Door wijkverpleging goed te organiseren kan duurdere zorg, zoals opname, uitgesteld of voorkomen worden.

  4. Inzicht in waar en waarom de aanvraag wijkverpleging wordt afgewezen. De betrokken partijen gaan op basis van deze gegevens met elkaar in gesprek om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen, wat ten goede komt aan de patiënt.

  5. Toewerken richting een onafhankelijk coördinatiepunt voor alle (vervolg)zorg in de WSD-regio. We doen ervaring op met de overdracht van zorgvraag en monitoren de knelpunten in het proces en verschillen binnen de regio op het gebied van wijkverpleging.

 

Voortgang project

Oktober 2021

Start pilot

Januari 2022

Evaluatie pilot

 

Resultaten

De pilot geeft inzicht in waar en waarom de aanvraag wijkverpleging wordt afgewezen. De betrokken partijen gaan op basis van deze gegevens met elkaar in gesprek om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen, wat ten goede komt aan de patiënt.